Faciliteren is meer dan alleen een groep medewerkers begeleiden. Ja, natuurlijk zorg je er als facilitator voor dat deelnemers weten wat ze moeten doen. Je verzint inspirerende werkvormen, begeleidt discussies en zorgt ervoor dat het gewenste resultaat, binnen de beschikbare tijd, bereikt wordt.

Maar faciliteren is meer. Ik vond het lastig om het goed onder woorden te brengen, totdat ik vorige week twee voorbeelden tegenkwam. Eentje uit mijn eigen praktijk, de andere las ik ergens. Ik neem je mee in mijn reis, in datgene wat ik heb geleerd .

Faciliteren is meer dan inspirerende werkvormen verzinnen, discussies begeleiden
en zorgen dat het gewenste resultaat wordt bereikt.

Vorige week begeleidde ik samen met Mariette van Hoeve een workshop bij een onderwijskundige organisatie. Ongeveer 20 deelnemers wilden enerzijds werken aan teambuilding (hoe werken we samen en wat hebben we aan elkaar?) en anderzijds plannen maken voor het komende jaar.

‘s Ochtends ging de groep met DISC-profielen aan de gang. Mooi om te zien hoe ze elkaar inschatten (ik denk dat ROOD jouw dominante kleur is), en dan vergelijken met de echte kleur (GROEN is mijn echte dominante kleur).

Deelnemers leerden hoe ze zich in de ander konden inleven en welke behoeftes iemand met een specifieke kleur heeft. Hiermee was een mooie basis voor de middag gelegd. In de middag stonden de plannen voor 2018 centraal. Welke activiteiten op het gebied van projecten, marketing en techniek gaan we doen zodat we onze omzet behalen?

Deelnemers gingen eerst met een coverstory aan de slag (een coverstory vertelt het verhaal van de organisatie in 2018, een verhaal dat de stip op de horizon beschrijft). Vervolgens werkten zij een actieplan uit aan de hand van een visuele template. Meer over de werkvormen en de templates die in de middag gebruikt zijn, lees je in deze post.

Juist omdat er in de ochtend aandacht was besteed aan de onderlinge samenwerking, konden wij (de trainers) hier in de middag heel goed naar teruggrijpen. Onze observaties (bv: haakt er iemand af, wat gebeurt er in de groep) gaven we aan de deelnemers terug. Een kleine time-out met de vraag: ‘hoe werken jullie samen in de subgroep, is iedereen nog betrokken?’ maakte veel los en bracht een hoop beweging.

Aandacht besteden aan de onderlinge samenwerking legt een mooie basis om over te gaan tot actie.

Twee dagen later kwam ik onderstaande figuur tegen (bron: Kelvy Bird). Een figuur die de vier niveaus van visualiseren weergeeft, afgeleid van de vier niveaus van luisteren.

De ervaringen uit de workshop, gecombineerd met de lagen uit dit model gaven mij veel duidelijkheid over de rol van de facilitator.

Ervoor zorgen dat het proces goed loopt, de tijd goed bewaken, resultaten behalen, staat als het ware gelijk aan het eerste niveau (hear a word).

Goed luisteren wat er gezegd wordt, en waarom iets gezegd wordt, staat gelijk aan het tweede niveau (map the context).

Aandacht voor datgene wat de groep ontwikkelt, en waarom dit belangrijk is, staat voor het derde niveau (connect ideas).

En processen teruggeven die onbewust spelen (een deelnemer die met zijn voeten aan het wiebelen is, een deelnemer die heel iets anders aan het doen is), staat in mijn ogen voor het vierde niveau (reveal essence what is wanting to be seen).

Dit inzicht, gekoppeld aan deze theorie, heeft mij veel gebracht. Komende tijd wil ik deze vier niveaus ook in mijn visuals toepassen. Hoe breng je datgene wat onbewust speelt, nu goed in beeld? Wat is nu echt de essentie? Dat vind ik, heel eerlijk, best een uitdaging. Aan de andere kant is het een mooie vraag, die mij helpt om weer een stap buiten mijn comfortzone te zetten.

Als jij hierover ideeën, tips of vragen hebt, ik hoor ze heel graag!

 

 

Leave a Reply 0 comments