Als facilitator leg je de verantwoordelijkheid voor de output van een meeting bij de deelnemers, zij moeten immers het werk doen. Een mooi inzicht. En toch is ‘zelf hard gaan werken’ een veel voorkomende valkuil voor een (beginnende) facilitator.

Met hard gaan werken bedoel ik dat je continu de lead houdt en aan de deelnemers blijft trekken als je merkt dat het proces moeizaam verloopt. Vergelijk het maar met continu vechten, en om je heen slaan.

Een paar faciliteervoorbeelden: je vat de discussie samen, je houdt in de gaten of iedereen nog meedoet en je vraagt voortdurend om nieuwe meningen of standpunten. Of je draagt regelmatig nieuwe werkvormen aan, waarbij je de deelnemers steeds in de actiemodus houdt.

Maar, eigenlijk sta JIJ met dit gedrag continu in de actiemodus. Je bent alert, houdt alles en iedereen in de gaten en werkt dus hard. Terwijl de deelnemers afwachten ‘wat de facilitator nu weer voor hen verzonnen heeft’.

Schakel terug als facilitator

Je kunt er ook voor kiezen om ‘terug te schakelen’. Als je als facilitator terugschakelt en geen vraag stelt of geen (nieuwe) werkvorm aandraagt, zal de groep zelf met creatieve ideeën komen en oplossingen aandragen.

Mijn tip voor als je merkt dat een proces niet lekker loopt: blijf zitten, vertraag wees stil voor 30 seconden. Laat de groep los, parkeer je eigen gedachtes en kijk wat er gebeurt.

Vraag hoogstens aan de groep: vertel eens meer over dit specifieke idee? Ontdek (waarbij jij als facilitator ontspannen blijft en niet hard gaat werken) of de groep zelf een volgende stap kan formuleren. En echt, er is altijd een deelnemer die de stilte opvult.
Dealen met je eigen onzekerheid of angst

Als je dit ‘terugschakel-principe’ toepast, moet je vast dealen met je eigen onzekerheid. Bijvoorbeeld jouw angst dat er iets misgaat, je aanpak niet werkt, of de angst dat de deelnemers denken dat jij het niet meer weet. Het advies wat ik daarvoor heb, is om je eigen gedachten te checken. Is het waar, wat je denkt? Is er iets gebeurd, waardoor deze gedachte waarheid is?

Bedenk dat je altijd de mogelijkheid hebt om opnieuw te acteren, een nieuwe richting voor te stellen, of een pauze in te lassen. Het feit dat je een stilte van 30 seconden hebt laten ontstaan, betekent niet dat je opeens minder opties hebt. Misschien zal de groep het niet eens opvallen, dat het (voor jouw gevoel) lang stil is geweest.

Mijn ervaring is dat het spannend kan zijn om bovenstaande te doen. Daar staat tegenover dat er ook hele mooie resultaten uit voort kunnen komen. Abraham Maslow zei niet voor niets dat je in elke situatie je 2 opties hebt: een stap achteruit naar veiligheid en een stap vooruit naar groei.

Vergeet namelijk niet: de verantwoordelijkheid voor het resultaat ligt bij de deelnemers. Zij moeten het werk doen, zij leveren de input, de ideeën en creëren het resultaat. Jouw rol als facilitator is om dit proces te begeleiden, niet meer en niet minder.

 

Wil je geen artikel/blog missen?
Schrijf je in en je ontvangt 'm in je mailbox